Productiviteit is geen loonstrook
Arbeidsproductiviteit per uur lijkt op het eerste gezicht een overzichtelijke maatstaf: hoeveel economische waarde wordt gemiddeld voortgebracht tijdens een gewerkt uur? Voor Japan is die indicator nuttig, maar hij vertelt niet rechtstreeks hoeveel werknemers verdienen, hoeveel druk zij ervaren of hoe de opbrengst van werk over de samenleving wordt verdeeld.
Dat onderscheid is belangrijk voor lezers in het Nederlandse en Belgische taalgebied. Een hoge productie per gewerkt uur kan samengaan met hoge lonen, maar ook met grote verschillen tussen sectoren, beroepsgroepen of contractvormen. Omgekeerd kan een werknemer een lange werkdag maken zonder dat de productiviteit per uur even hoog uitvalt. De statistiek beschrijft dus vooral de verhouding tussen economische output en ingezette arbeid. Zij is geen volledige beoordeling van de kwaliteit van werk.
De interessantere vraag is daarom niet alleen hoe productief een uur in Japan is, maar ook hoe dat uur in de arbeidsmarkt wordt ingebed.
Eerst vaststellen wie als werknemer telt
De OECD-tabellen over werkgelegenheid naar activiteit en arbeidsstatus helpen om de basis van de productiviteitsmaatstaf te begrijpen. Zij maken zichtbaar hoe de werkende bevolking over economische activiteiten en statussen wordt ingedeeld. Dat is relevant, omdat de samenstelling van de werkgelegenheid invloed heeft op een gemiddelde.
Een economie met relatief veel werk in sectoren met een hoge toegevoegde waarde kan een ander productiviteitsbeeld tonen dan een economie waarin veel mensen actief zijn in arbeidsintensieve dienstverlening. Ook het onderscheid tussen werknemers, zelfstandigen en andere arbeidsposities kan de interpretatie veranderen. Een gemiddelde per uur zegt pas iets wanneer duidelijk is welke groepen en activiteiten erin zijn opgenomen.
| Kijkpunt | Wat de statistiek helpt te begrijpen | Wat zij niet zelfstandig bewijst |
| Arbeidsproductiviteit per uur | De output in verhouding tot gewerkte tijd | Het individuele loon |
| Activiteit of sector | Waar werkgelegenheid en productie geconcentreerd zijn | Of werk daar goed of slecht wordt beloond |
| Professionele status | Welke positie mensen op de arbeidsmarkt innemen | Hoe groot de inkomenszekerheid is |
| Inkomen en ongelijkheid | Hoe opbrengsten en middelen tussen groepen uiteenlopen | De oorzaak van elk verschil |
Het beroep is een tweede meetlat
De OECD-tabel over professionele status, gebaseerd op de internationale classificatie van arbeidsposities, voegt een andere dimensie toe. Zij kijkt niet primair naar de bedrijfstak, maar naar de positie van iemand binnen het werk. Dat verschil voorkomt dat alle werknemers als een homogene groep worden behandeld.
Twee mensen kunnen in dezelfde brede economische activiteit werken, maar een verschillende professionele status hebben. Hun onderhandelingsruimte, inkomensbron en verhouding tot een werkgever kunnen daardoor uiteenlopen. Voor een artikel over arbeidsproductiviteit is dat geen detail. Het helpt verklaren waarom een stijging van productiviteit niet automatisch overal op dezelfde manier in inkomens of arbeidsvoorwaarden zichtbaar wordt.
De combinatie van sectorinformatie en professionele status maakt het mogelijk om gemiddelden voorzichtiger te lezen. Sectoren laten zien waar economische activiteit plaatsvindt; professionele status laat zien hoe mensen daarin zijn georganiseerd. Geen van beide maatstaven geeft op zichzelf een compleet beeld van de verdeling van de opbrengst.
Inkomen is niet hetzelfde als verdienvermogen
De Our World in Data-bron over ongelijkheid brengt nog een andere waarschuwing naar voren. Vermogen, arbeidsinkomen en besteedbaar inkomen zijn verschillende begrippen. Wie alleen naar arbeidsproductiviteit kijkt, ziet niet hoe bezit, belastingen, overdrachten en huishoudensamenstelling het uiteindelijke beschikbare inkomen beïnvloeden.
Dat is ook buiten Japan van belang. Een productiever uur kan meer economische waarde creëren zonder dat ieder huishouden dezelfde verbetering in besteedbare middelen ervaart. De route van productie naar persoonlijk inkomen loopt via lonen, bedrijfsinkomsten, belastingen, sociale regelingen en de verdeling binnen huishoudens. Daarom moet een vergelijking tussen landen altijd duidelijk maken welke inkomensmaatstaf wordt gebruikt.
Voor de lezer betekent dit: gebruik productiviteit om de economische prestatie van arbeid te bestuderen, en gebruik ongelijkheidsstatistieken om te onderzoeken hoe de opbrengst uiteindelijk verdeeld raakt. De twee invalshoeken vullen elkaar aan, maar mogen niet worden samengevoegd tot één eenvoudige conclusie.
Werkloosheid geeft weer een ander beeld
De OECD-tabel met maandelijkse werkloosheidscijfers hoort bij een andere vraag: hoeveel mensen die zich op de arbeidsmarkt aanbieden, vinden geen werk? Dat is niet hetzelfde als productiviteit per uur. Een land kan een lage werkloosheid hebben en toch verschillen kennen in werktijd, productiviteit, loonvorming of inkomenszekerheid.
Ook arbeidsdeelname en de omvang van de beroepsbevolking beïnvloeden de interpretatie. De Ierse statistiekbronnen zijn in dit dossier niet bedoeld om Japanse waarden te leveren, maar laten wel zien hoe arbeidsmarktstatistieken afzonderlijke populaties en definities afbakenen. Dat onderstreept een algemene les: vóór een vergelijking moet men nagaan wie wordt meegeteld, welke leeftijdsgroep wordt onderzocht en of het om inwoners, aanwezigen, werkenden of werkzoekenden gaat.
Een bruikbare leeswijze voor Japan
Wie arbeidsproductiviteit per uur in Japan wil begrijpen, kan het best verschillende vragen naast elkaar leggen. Eerst: welke economische activiteiten dragen bij aan het gemiddelde? Vervolgens: welke professionele posities nemen werknemers en zelfstandigen in? Daarna: hoe verhouden arbeidsinkomen, besteedbaar inkomen en vermogen zich tot elkaar? Ten slotte: hoe ziet de arbeidsmarkt eruit voor mensen die werk zoeken of eraan deelnemen?
Deze aanpak maakt het onderwerp minder spectaculair, maar wel betrouwbaarder. Productiviteit is een belangrijke economische indicator. Zij wordt pas maatschappelijk betekenisvol wanneer zij wordt gelezen naast de structuur van werk en de verdeling van inkomen. Voor Japan, Nederland, België en andere landen geldt dezelfde regel: één gemiddelde kan een economie beschrijven, maar geen werknemer volledig verklaren.
出典
- OECD Data Explorer, “Employment by activities and status (ALFS)” — https://data-explorer.oecd.org/
- OECD Data Explorer, “Employment by professional status (ICSE-93)” — https://data-explorer.oecd.org/
- Our World in Data, “Inequality in wealth, earnings, and disposable income” — https://ourworldindata.org/grapher/inequality-in-wealth-earnings-and-disposable-income-us-sweden-and-japan-2000s
- OECD Data Explorer, “Monthly unemployment rates” — https://data-explorer.oecd.org/
- OECD Data Explorer, “Strictness of employment protection” — https://data-explorer.oecd.org/
- Central Statistics Office Ireland, “Labour Force Participation and Unemployment Rate of Population Aged 15 Years and Over Usually Resident and Present in the State” — https://data.cso.ie/table/EB014